Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(8)
  • Jurisprudentie(62)
  • Commentaar NLFiscaal(6)
  • Literatuur(1)
  • Recent(4)

X (belanghebbende) was in de jaren 2014 en 2015 in loondienst werkzaam als ambulanceverpleegkundige. Daarnaast heeft hij in die jaren op basis van overeenkomsten van opdracht werkzaamheden verricht als verpleegkundig specialist voor een stichting (hierna: vs-werkzaamheden). X was in 2014 en 2015 verder nog verkoper en monteur van zonnepanelen.

Na een boekenonderzoek zijn aan X navorderingsaanslagen IB/PVV 2014 en 2015 opgelegd en een vergrijpboete. Omdat de bezwaren tegen de navorderingsaanslagen te laat waren ingediend zijn deze niet-ontvankelijk verklaard. De Inspecteur heeft het bezwaarschrift vervolgens aangemerkt als verzoeken om ambtshalve vermindering. Hij heeft bij beschikking de verkoop en montage van zonnepanelen als winst uit onderneming aangemerkt en op dat resultaat de mkb-winstvrijstelling toegepast en de verzoeken voor het overige afgewezen. X heeft beroep ingesteld.

Rechtbank Gelderland beoordeelt om proceseconomische redenen eerst of X recht heeft op de zelfstandigenaftrek (inclusief de startersaftrek). De Rechtbank gaat er veronderstellenderwijs van uit dat de vs-werkzaamheden als een onderneming kunnen worden aangemerkt. Volgens de Rechtbank heeft X voor zowel 2014 als 2015 niet aannemelijk gemaakt dat hij meer dan 1.225 uren heeft besteed aan de verkoop en montage van zonnepanelen tezamen met zijn werk als verpleegkundig specialist.

Gelet hierop kan in het midden blijven of de inkomsten uit de vs-werkzaamheden als winst uit onderneming moeten worden aangemerkt, omdat X zowel bij een bevestigende als een ontkennende beantwoording daarvan geen recht heeft op de zelfstandigenaftrek en de navorderingsaanslagen in stand blijven.

De opgelegde boete van uiteindelijk € 1.500 is passend en geboden. X heeft door zijn wijze van administreren zodanig onzorgvuldig en daarmee onachtzaam gehandeld dat sprake is van grove schuld. De boete wordt gematigd tot € 1.200 wegens de lange duur van de procedure.

Rubriek(en)
Inkomstenbelasting
Formeel belastingrecht
Belastingtijdvak
2014 en 2015
Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum instantie
12 april 2022
Rolnummer
20/3518; 20/3519
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2022:1861
NLF-nummer
NLF 2022/1057
Aflevering
2 juni 2022
bwbr0011353&artikel=3.6,bwbr0011353&artikel=3.6

X