Direct naar content gaan

Samenvatting

Bij arrest van 9 september 2020 heeft Hof Amsterdam een verdachte wegens ‘feitelijke leiding geven aan het door een rechtspersoon begaan van opzettelijk onjuist of onvolledig indienen van aangiften omzetbelasting, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd’, veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis.

Namens de verdachte heeft een advocaat twee cassatiemiddelen voorgesteld.

Het eerste middel klaagt volgens A-G Hofstee tevergeefs over de motivering van het bewezenverklaarde opzet en de verwerping van een op ontkenning van het opzet gericht verweer van de verdachte. Het tweede middel klaagt terecht over de overschrijding van de inzendtermijn. De redelijke (inzend)termijn is overschreden doordat het Hof de stukken van het geding te laat aan de Hoge Raad heeft gezonden. De conclusie strekt ertoe de duur van de opgelegde taakstraf van 100 uur te verminderen volgens de gebruikelijke maatstaf en het bestreden arrest voor het overige in stand te laten.

Metadata

Rubriek(en)
Strafrecht
Formeel belastingrecht
Belastingtijdvak
2010-2012
Instantie
A-G
Datum instantie
31 mei 2022
Rolnummer
20/02952
ECLI
ECLI:NL:PHR:2022:478
NLF-nummer
NLF 2022/1148
Aflevering
16 juni 2022
bwbr0002320&artikel=69,bwbr0002320&artikel=69

Naar de bovenkant van de pagina