Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

A Oy en B Oy zijn ondernemingen die onder meer brouwerij-activiteiten verrichten. Zij hebben in hun aangiften betreffende de heffing op alcohol en alcoholhoudende dranken belastbare leveringen van bier aangegeven in de categorie producten waarvoor de heffing 50% lager is. De Finse douanedienst weigert hen als één enkele kleine zelfstandige brouwerij aan te merken met het oog op de verkrijging van de verlaagde accijnsrechten. Volgens de douanedienst kunnen A Oy en B Oy niet worden beschouwd als juridisch en economisch onafhankelijke brouwerijen in de zin van § 9 van de wet inzake de heffing op alcohol en alcoholhoudende dranken, in het bijzonder omdat zij beiden gedeeltelijk in handen waren van een derde die tevens hun bedrijfsleider was.


De verwijzende rechter heeft in het kader van een geding hierover prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ.


Het HvJ verklaart voor recht dat artikel 4, lid 2, tweede volzin, Richtlijn 92/83 aldus moet worden uitgelegd dat een lidstaat die gebruikmaakt van de in artikel 4, lid 1, van deze richtlijn geboden mogelijkheid om verlaagde accijnstarieven toe te passen op bier dat is gebrouwen door kleine, zelfstandige brouwerijen, niet verplicht is een samenwerkingsverband van twee of meer kleine brouwerijen met een gezamenlijke jaarproductie van niet meer dan 200.000 hectoliter, als één enkele kleine, zelfstandige brouwerij aan te merken.

Rubriek(en)
Accijnzen
Belastingtijdvak
2013-2015
Instantie
HvJ
Datum instantie
28 oktober 2021
Rolnummer
C‑221/20
ECLI
ECLI:EU:C:2021:890

X