Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving(1)
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(2)
  • Jurisprudentie(496)
  • Commentaar NLFiscaal(2)
  • Literatuur(11)
  • Recent(30)
  • Annotatie wetsgeschiedenis NLFiscaal(1)

In deze procedure zijn (nog) aan X (belanghebbende) opgelegde navorderingsaanslagen IB/PVV 2012 en 2014 in geschil waarbij in aftrek gebrachte specifieke zorgkosten zijn gecorrigeerd. Omstandigheden die voor de Inspecteur aanleiding waren om nader onderzoek te doen naar de opgevoerde aftrekposten, zijn pas gebleken naar aanleiding van een bij het kantoor van de gemachtigde gestart strafrechtelijk onderzoek. Tijdens dat onderzoek is het vermoeden ontstaan dat bij aangiftes ingediend door het kantoor van de gemachtigde sprake zou kunnen zijn van gefingeerde aftrekposten.


Ten aanzien van het beroep van de Inspecteur op geheimhouding van een deel van de zaakstukken oordeelt Hof Amsterdam dat de onleesbaar gemaakte delen van controle-strategisch belang zijn en dat dit belang zwaarder weegt dan het belang van X bij kennisneming van het ongeschoonde stuk. Door het inzicht dat de onleesbare delen kunnen verschaffen in de wijze waarop de Inspecteur aangiften selecteert voor nader onderzoek, bestaat immers een risico dat kwaadwillende indieners van aangiften daarop gaan anticiperen.


Het Hof acht evenals Rechtbank Noord-Holland geen sprake van een ambtelijk verzuim. Met de Rechtbank is het Hof voorts van oordeel dat de omstandigheid dat de navorderingsaanslagen IB/PVV 2012 en 2014 zijn opgelegd met toepassing van een inkomenscorrectie van meer dan € 1.000, meebrengt dat de navorderingsaanslagen in overeenstemming met het correctiebeleid zijn opgelegd. Het Hof neemt hierbij als uitgangspunt dat in navorderingssituaties correctie achterwege blijft indien zowel het te betalen bedrag aan belasting minder beloopt dan een bepaald bedrag (€ 450) als de inkomenscorrectie minder bedraagt dan een bepaald bedrag (€ 1.000).


Het Hof verwerpt verder het standpunt van X dat recht bestaat op aftrek van niet-vergoede uitgaven voor medicijnen (onder meer Viagra) en reiskosten.


Het hoger beroep is ten aanzien van beide jaren ongegrond.

Rubriek(en)
Inkomstenbelasting
Formeel belastingrecht
Belastingtijdvak
2012-2014
Instantie
Hof Amsterdam
Datum instantie
9 november 2021
Rolnummer
20/00415;20/00416;20/00417
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2021:3490
NLF-nummer
NLF 2021/2232
Aflevering
25 november 2021
bwbr0002320&artikel=16

X