Direct naar content gaan

Gerelateerde content

Samenvatting

Deze zaak gaat over het bereik van de remittancebepaling in artikel 2, lid 5, Verdrag Nederland-Malta. De bepaling beoogt een heffingsvacuüm voor niet-overgemaakt inkomen te voorkomen.

X (bv; belanghebbende) is een houdstervennootschap. In februari 2012 heeft zij haar zetel verplaatst naar Malta en sindsdien is zij ook feitelijk aldaar gevestigd. Haar in Nederland behaalde winsten 2012 en 2013 zijn in Malta niet belast omdat zij die niet heeft overgemaakt naar Malta. Haar winst 2012 omvat een vermogenswinst en haar winst 2013 een vermogensverlies.

Over 2013 heeft X pas in 2016 aangifte gedaan en daarbij aftrek elders belast gevraagd. Eind 2015 en in 2016 heeft de Inspecteur X om informatie gevraagd, uit de reactie waarop hem bleek dat haar winsten in Malta onder het non-remittanceregime vielen. De Inspecteur heeft vervolgens de aanslag 2013 zonder aftrek elders belast opgelegd en over 2012 nagevorderd.

In geschil is of en in hoeverre artikel 2, lid 5, Verdrag Nederland-Malta Nederlandse heffing toelaat.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat nu de winsten niet zijn overgemaakt naar Malta, ingevolge artikel 2, lid 5, Verdrag Nederland-Malta aan Nederland heffingsrecht toekomt, ook ter zake van vermogenswinsten.

Hof Den Bosch heeft het oordeel van de Rechtbank bevestigd. De Nederlandse heffing is niet in strijd met het Verdrag Nederland-Malta. Het Hof vermag ook niet in te zien dat Nederlandse heffing is strijd is met internationale belastingbeginselen.

X stelt drie cassatiemiddelen voor:

  1. de navorderingsbevoegdheid ontbreekt;
  2. Nederlandse heffing schendt de EU-vestigingsvrijheid; en
  3. het Hof heeft artikel 2, lid 5, Verdrag Nederland-Malta op drie manieren te ruim uitgelegd.

Volgens A-G Wattel treffen de aangevoerde middelen geen doel. Hij geeft de Hoge Raad in overweging om het cassatieberoep van X ongegrond te verklaren.

Metadata

Rubriek(en)
Internationaal belastingrecht
Belastingtijdvak
2011-2013
Instantie
A-G
Datum instantie
3 november 2020
Rolnummer
20/01414
ECLI
ECLI:NL:PHR:2020:1028
Auteur(s)
Mees Vergouwen
De Brauw Blackstone Westbroek/ Universiteit Leiden
NLF-nummer
NLF 2020/2726
Aflevering
17 december 2020
Judoreg
NFB3892
bwbv0003762&artikel=2,bwbv0003762&artikel=2

Naar de bovenkant van de pagina