Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving(1)
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(2)
  • Jurisprudentie(54)
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur(4)
  • Recent(20)

Tot 29 juni 2018 konden werkgevers de Inspecteur ex artikel 97, lid 2, Wfsv verzoeken om bij een onjuiste premiesectorindeling die indeling tot vijf jaar terug te corrigeren in de ‘van rechtswege’ geldende premiesector. Op 29 juni 2018 heeft de regering de Tweede Kamer bericht dat zij de terugwerkende herziening in de aanstaande Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) wilde afschaffen en wel per 29 mei 2018, dus met terugwerkende kracht, zulks ter voorkoming van capaciteitsproblemen bij de fiscus door een grote stroom valreep-herindelingsverzoeken.

X (bv; belanghebbende) heeft op 29 augustus 2018 verzocht om alsnog vanaf 1 januari 2013 ingedeeld te worden in premiesector 10 (Metaalindustrie) resulterend in een premieteruggaaf van € 332.287.

Na onderzoek heeft de Inspecteur X inderdaad in sector 10 ingedeeld, maar pas per 1 september 2018, dus alleen voor de toekomst.

In geschil is of de terugwerkende afschaffing van de herziening ten voordele verenigbaar is met het eigendomsrecht van artikel 1 Eerste Protocol bij het EVRM en het vertrouwensbeginsel.

Hof Den Bosch meende dat de terugwerkende afschaffing van de herziening ten voordele niet van elke redelijke grond is ontbloot in het licht van de noodzaak capaciteitsproblemen bij de Belastingdienst te voorkomen. Het heeft het beroep van X daarom ongegrond verklaard.

Tegen dit oordeel heeft X cassatieberoep ingesteld, en de Hoge Raad verklaart dit gegrond.

Het systeem van de Wfsv houdt in dat de sectoraansluiting van rechtswege plaatsvindt. Dit brengt mee dat de Inspecteur, aan wie de sectorindeling is opgedragen, gehouden is foutieve sectorindelingen zo veel mogelijk te herstellen en de gevolgen van dergelijke fouten zo veel mogelijk ongedaan te maken. Aangezien de Inspecteur daartoe gehouden is, kan het door de regering aangedragen argument niet worden aangemerkt als een specifieke en dwingende reden die de aantasting van het eigendomsrecht kan rechtvaardigen. Dat wordt niet anders door de omstandigheid dat X op de hoogte kon zijn van de onjuiste sectorindeling en op een eerder moment om wijziging van de sectorindeling had kunnen verzoeken.

De zaak is verwezen naar Hof Arnhem-Leeuwarden om opnieuw te laten beoordelen of X recht heeft op indeling in sector 10 met ingang van 1 januari 2013 of een latere datum.

Conform Conclusie A-G Wattel (NLF 2021/1460, met noot van Van de Ven).

Rubriek(en)
Sociale verzekeringen
Belastingtijdvak
2013 e.v.
Instantie
HR
Datum instantie
24 september 2021
Rolnummer
20/02576
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1239
Auteur(s)
Gabriëlle van de Ven
Belastingdienst
NLF-nummer
NLF 2021/1926
Aflevering
14 oktober 2021
Judoreg
NFB4583
bwbr0017745&artikel=97,bwbv0001001&artikel=1

X