Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Dit besluit (Stcrt. 2022, 15569) wijzigt het besluit van 19 juni 2019 (2019/13003, NLF 2019/1602, met noot van Van Horzen), zoals dat laatstelijk is gewijzigd bij besluit van 9 augustus 2021 (2021-16465, NLF 2021/1766, met noot van Van den Brekel). Naast redactionele aanpassingen en de actualisering van een verwijzing bewerkstelligen de wijzigingen dat (i) vooroverleg over omgekeerde hybride lichamen en over mismatches bij toepassing van het zakelijkheidsbeginsel conform de in het besluit beschreven werkwijze wordt behandeld; (ii) zekerheid vooraf in de vorm van een ruling met een internationaal karakter niet openstaat voor een verzoeker waarvan een uiteindelijk belanghebbende – dan wel een eventuele tussenhoudster – met een belang van 5% of meer in de verzoeker op de EU-sanctielijst voorkomt; (iii) meer informatie moet worden verstrekt over de wereldwijde organisatie- en aandeelhoudersstructuur en (iv) BAPA-/MAPA-verzoeken en verzoeken over de zogenoemde ‘vangnetbepalingen’ en ‘corporate-tiebreakerbepalingen’ in belastingverdragen gericht moeten worden aan het MAP-team Belastingdienst. Dit besluit is op 18 juni 2022 in werking getreden.

Rubriek(en)
Vennootschapsbelasting
Belastingtijdvak
18 juni 2022 e.v.
Instantie
MvF
Datum instantie
7 juni 2022
Rolnummer
2022-10157
NLF-nummer
NLF 2022/1210
Aflevering
23 juni 2022

X