Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

In 2002 heeft Y een café overgenomen van zijn voormalige werkgever. X (belanghebbende) is stamgast van het café. Op enig moment is Y met het café in financiële moeilijkheden komen te verkeren. Naar aanleiding hiervan zijn X en Y op 29 oktober 2007 een kredietovereenkomst overeengekomen voor een bedrag van € 100.000. Dit bedrag is in 2010 verhoogd tot € 250.000. Zij hebben toen ook een intentieverklaring getekend om een commanditaire vennootschap (cv) aan te gaan. Bij overeenkomst van 29 augustus 2011 zijn X en Y de cv aangegaan (de cv-overeenkomst). Bij akte van 30 augustus 2011 heeft X zich borg gesteld jegens de Belastingdienst. Op 6 maart 2012 is het café failliet gegaan.


In deze procedure is in geschil of X in 2015 ter zake van zijn gerechtigdheid in de cv een verlies in aanmerking kan nemen tot een bedrag van € 568.876.


Dat is volgens Rechtbank Noord-Holland niet het geval. In weerwil van de tekst van de cv-overeenkomst, hebben X en Y volgens de Rechtbank niet beoogd een cv aan te gaan, maar hebben zij de al bestaande leenverhoudingen gecontinueerd. Het aangaan van de cv is een schijnhandeling. X heeft niet als medegerechtigde winst genoten. Hieruit volgt dat X geen verlies in aanmerking kan nemen.


Ten overvloede merkt de Rechtbank op dat X ook de omvang van het verlies niet aannemelijk heeft gemaakt. De Rechtbank wijst er in dit verband op dat het café en daarmee ook Y ten tijde van het ondertekenen van de cv-overeenkomst reeds financieel in zwaar weer verkeerden en dat daarom niet aannemelijk is dat enig als kapitaal ingebrachte vordering op dat moment of later op haar nominale waarde gewaardeerd zou moeten worden. Dit betekent dat, indien moet worden aangenomen dat X winst als medegerechtigde heeft genoten, het verlies (in het jaar 2015) niet in aanmerking kan worden genomen voor een bedrag van € 568.876.

Rubriek(en)
Inkomstenbelasting
Belastingtijdvak
2015
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum instantie
10 november 2021
Rolnummer
20/1078
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2021:10044

X