Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(11)
  • Jurisprudentie(212)
  • Commentaar NLFiscaal(1)
  • Literatuur(18)
  • Recent(8)
  • Soft Law(2)

In deze zaak is in geschil of de diensten van een bv die worden verricht aan een pensioenfonds zijn aan te merken als het ‘beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen’ en daarom zijn vrijgesteld van omzetbelasting. Volgens Rechtbank Gelderland is dat het geval.

In casu gaat het om X (bv; belanghebbende) die tegen vergoeding diensten verleent aan pensioenfonds A. Vast staat dat A een gemeenschappelijk beleggingsfonds is. A belegt uitsluitend in beleggingsinstellingen, dat wil zeggen: zij verwerft en vervreemdt uitsluitend deelnemingsrechten in beleggingsmaatschappijen en beleggingsfondsen. De dienstverlening van X houdt intrinsiek verband met deze activiteit van A. Zij doet aanbevelingen over de aan- en verkoop van de deelnemingsrechten, verwerft en vervreemdt namens A de deelnemingsrechten en houdt hiervan een administratie bij, zij draagt zorg voor het risicomanagement en de performancemeting en zij monitort de prestaties van de beleggingsinstellingen. Deze werkzaamheden zijn specifiek afgestemd op de situatie van A. X is ook de enige die een volledig overzicht heeft van de vermogenspositie van A. De dienstverlening omvat alle beheers- en beschikkingshandelingen met betrekking tot de beleggingen van A, de deelnemingsrechten in beleggingsinstellingen, en dus de dagelijkse zorg over die beleggingen. De dienstverlening van X vertoont aldus grote overeenkomsten met portefeuillebeheer. De dienstverlening vormt daarom een afzonderlijk geheel dat de kenmerkende en essentiële functies van het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen vervult. De door X verrichte dienstverlening is aan te merken als vrijgesteld beheer in de zin van artikel 11, lid 1, onderdeel i, onder 3°, Wet OB 1968 en is vrijgesteld van omzetbelasting, aldus de Rechtbank. De over het eerste kwartaal van 2017 opgelegde naheffingsaanslag omzetbelasting van € 6.579 wordt vernietigd.

Rubriek(en)
Omzetbelasting
Belastingtijdvak
1e kwartaal 2017
Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum instantie
24 mei 2022
Rolnummer
19/7352
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2022:2612
NLF-nummer
NLF 2022/1260
Aflevering
30 juni 2022
bwbr0002629&artikel=11&lid=1,bwbr0002629&artikel=11&lid=1

X