Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

NLFiscaal interviewt de Tweede Kamerleden die het deze kabinetsperiode fiscaal voor het zeggen hebben. Na een interview door Fred van Horzen en oud-Kamerlid Arthie Schimmel van Pieter Omtzigt (CDA, 19 zetels) interviewt Arthie Schimmel nu Steven van Weyenberg (D66, 19 zetels).

‘De fiscale portefeuille is net een snoepwinkel.’ Hoe bent u aan de portefeuille fiscale zaken gekomen? Is het een populaire portefeuille binnen uw fractie? Worden er opleidingseisen aan de fiscale woordvoerder gesteld?

Ik heb affiniteit met economische onderwerpen en was al woordvoerder arbeidsmarkt, pensioenen en zelfstandigen, waar je vaak fiscale zaken tegenkomt. Toen er in de fractie geschoven werd met portefeuilles (red.: in 2015) leek de fiscale portefeuille mij een hele leuke portefeuille, heel inhoudelijk. Je krijgt de kans om je met alles te bemoeien, niet alleen met de arbeidsmarkt, maar ook met klimaat, fiscale vergroening, mobiliteit en cultuur en monumentenzorg. Ik vind het een soort snoepwinkel, deze portefeuille. Ik weet niet of er een rij stond voor de fiscale portefeuille, er zijn vast meer fractiegenoten die dit prima zouden kunnen, maar ik ben blij dat ik de portefeuille heb. Wat betreft de eisen die gesteld worden, nee, ik hoefde geen examen te doen!

Een politicus beschikt niet over een batterij aan fiscale medewerkers. Je moet vooral de politieke hoofdlijnen in de gaten houden en letten op de uitvoerbaarheid. De uitvoerbaarheid wordt een steeds groter onderwerp. Wordt met de voorgestelde maatregel de politieke richting bereikt? Kan de Belastingdienst het aan? Wat de technische details betreft, moet je vertrouwen op de fiscale experts van het ministerie en van de organisaties die zich melden bij een wetsvoorstel en het Belastingplan.

Wat zijn volgens u belangrijke moties en/of amendementen die u ingediend hebt en die aangenomen zijn? Hebben die invloed op het kabinet gehad?

Moeilijk om van jezelf te zeggen. Deze portefeuille gaat echt ergens over. Je kunt invloed op grote onderwerpen uitoefenen zoals het regelen van extra geld voor kinderopvang die belangrijk is voor de kinderen en de arbeidsparticipatie van vrouwen, maar ook op concrete knelpunten zoals bijvoorbeeld meer openbare laadpalen. Het zijn ongelijksoortige typen moties en amendementen. Maar het is ook een proces van doorzetten. Drie jaar geleden haalde mijn motie op heffing van vervuilende vrachtwagens het niet, nu staat het in het regeerakkoord. Bij het laatste Belastingplan heb ik iets kunnen regelen voor de Waddenveren, maar het gaat natuurlijk ook om grote vragen als de koers van het belastingstelsel. Iets waar ik ook trots op ben, is dat ik bij een paar belastingplannen de accijnzen op tabak heb kunnen verhogen. Er is onomstotelijk bewijs dat de prijs van sigaretten zeker het rookgedrag van jongeren beïnvloedt. We zijn nog niet op een eindpunt, maar er is vooruitgang. Ik ben aan een initiatiefwet bezig waar deelnemers het goedkeuringsrecht krijgen over beleggingen van pensioenfondsen, bijvoorbeeld in wapens, tabak en kolen. Fiscaliteit zoals verhogen van tabaksaccijns moet dan een onderdeel zijn van een brede strategie, het gaat ook over preventie.

Ik ben een econoom en ik zie dat de markt op een aantal punten faalt. Niet alles heeft de goede prijs, neem de uitstoot van vervuilende stoffen. Zo moet niet het bezit maar het gebruik van vrachtwagens en auto’s belast worden. Je kunt niet alles met fiscale maatregelen oplossen maar het is onderdeel van een bredere strategie of het nu gaat om vergroening, werk, verkeer of roken.

Hebt u invloed uitgeoefend op de fiscale tekst in het regeerakkoord? Wat staat er niet in, wat u betreft? Wat staat er wel in, waar u niet gelukkig van wordt?

Ik zat tijdens de formatie in de aparte werkgroep fiscaliteit. Dan zit je aan de tekentafel. Er is in het regeerakkoord geen grote stelselwijziging voorzien, maar er ligt wel een ambitieus pakket belastinghervormingen. Er worden serieuze stappen met betrekking tot vergroening gemaakt (zoals vrachtwagenbelasting, de CO₂-minimumprijs voor energieopwekking en afspraken over het dichtgaan van kolencentrales). Dat laatste had ik al in een motie in 2015, samen met Stientje van Veldhoven (red.: nu staatssecretaris Infrastructuur en Waterstaat) gevraagd, maar het staat nu in het regeerakkoord. Andere belangrijke zaken in het regeerakkoord zijn dat werken moet lonen, het verminderen van de marginale lastendruk en de afbouw van de hypotheekrenteaftrek. Er komt een tweeschijvenstelsel waarbij aftrekposten worden beperkt tot het tarief van de eerste schijf. Belangrijk voor de maatregelen in het regeerakkoord was dat ze uitvoerbaar moeten zijn voor de Belastingdienst. Zo ligt er nog werk om ook bij de Toeslagen een grotere stap te maken. Maar de Belastingdienst moet het wel aankunnen. Belangrijk is dat er in het regeerakkoord een grote verandering van de aanpak van belastingontwijking is opgenomen. Aan de gigantische doorstroom op de Zuidas wordt een einde gemaakt. Er komt een bronheffing op uitgaande rente en royalties. Verder komen er strenge regels voor trustkantoren en we pakken allerlei belastingconstructies aan. Van die maatregelen verwacht ik veel. Daarmee voorkom je belastingontwijking en ook voor andere landen beperk je een uitholling van de belastinggrondslag. Als je alles bij elkaar optelt, ligt er een ambitieus belastingpakket. De dividendbelasting is aan de hoofdtafel besproken. De afschaffing is niet door ons bedacht, ik kan het doel wel begrijpen, maar D66 zou andere keuzes hebben gemaakt als we het alleen voor het zeggen zouden hebben gehad. Het inhoudelijke debat wordt straks bij het wetsvoorstel gevoerd. Eerder is de afschaffing aan de orde gekomen bij de Wet werken aan winst van Joop Wijn (CDA, red.:staatssecretaris financiën 2003-2006) en in het rapport van de Studiecommissie-Van Weeghel (2010). Voor D66 is het belangrijk dat het onderdeel is van een breder pakket waar ook veel mooie zaken instaan voor het vestigingsklimaat en tegen belastingontwijking, met € 5 miljard lastenverlichting voor mensen, en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Wat ziet u als de belangrijkste fiscale speerpunten tijdens deze kabinetsperiode waarop u zich richt?

Belangrijke speerpunten zijn dat werk moet lonen, vergroening en de aanpak van de belastingontwijking, terwijl het voor bedrijven die hier in Nederland voor werk en innovatie zorgen, aantrekkelijk blijft. Het vierde speerpunt is de uitvoerbaarheid. Staatssecretaris Menno Snel heeft een gigantische klus met de Belastingdienst. Dat is niet in een paar maanden opgelost.

De Investeringsagenda en de gedachte daarachter (red.: van staatssecretaris Wiebes) snap ik, maar de vertrekregeling was een kolossale blunder en vind ik onbegrijpelijk. Midden in de verbouwing gaat veel kennis en ervaring verloren bij de Belastingdienst. Er zaten hele groepen mensen bij waarop de regeling niet gericht was. Er zijn grote ICT-uitdagingen, denk aan de erf- en schenkbelasting. Ook maatregelen met betrekking tot oudere dieselauto’s zijn vertraagd omdat de IT van de Belastingdienst het niet aankan.

Datzelfde geldt voor een reële vermogensrendementsheffing. Dat had ik graag in het regeerakkoord geregeld. De Belastingdienst kan dat niet aan. Als we dat zouden doorduwen zou zich later een nieuw IT-debacle voordoen.

Hoe staat u zelf tegenover de toenemende aandacht vanuit Brussel voor het Nederlandse fiscale beleid? Is het logische eindpunt van het EU-traject niet dat de lidstaten uiteindelijk hun fiscale soevereiniteit zullen verliezen?

Door de OESO zijn in de aanpak van belastingontwijking en -ontduiking grote stappen gezet die nu hun vertaling vinden in de omzetting in Europese richtlijnen. Een aantal jaar geleden is een motie van mij aangenomen over een Europees minimumtarief in de vennootschapsbelasting. Ik ben ervoor dat er een gemeenschappelijke grondslag voor de winstbelasting in Europa komt. Als ik naar het Europees debat kijk, denk ik dat we toegaan naar een Europese bandbreedte in de tarieven van de winstbelasting waardoor de race naar de bodem stopt. Het VK gaat misschien verder fiscaal concurreren op de winstbelasting, maar dat is meer een teken van hun zwakte. De Brexit is slecht voor Europa, maar vooral ook voor de Britten zelf. Onbegrijpelijk vond ik de gele kaart van Nederland (red.: een gele kaart betekent dat Nederland geen wetgeving op Europees niveau wil) aan de Europese Commissie over de twee richtlijnen over de digitale economie, met dank aan de SP die de VVD op dit punt aan een meerderheid hielp. Internetbedrijven moeten volgens de VVD nationaal belast worden en de SP steunde deze nationale kaart met hun blinde Europa woede dat Europa hier niet over gaat. Dit ondanks het feit dat grote internetbedrijven hierdoor aan belastingheffing ontkomen.

Australië kent een Inspector General of Taxation (IGT). De IGT is een onafhankelijk orgaan belast met het toezicht op en de controle van de Australische belastingdienst en fungeert als een verbindende schakel tussen de belastingdienst en de regering, inclusief het parlement. De IGT kan op eigen initiatief onderzoek instellen, maar ook op verzoek van bewindslieden en het parlement. Sinds kort fungeert de IGT ook als ombudsman in fiscale zaken. Tot de taken van de IGT behoort onder andere het onderzoeken van systemen die door de Australische belastingdienst bij de administratieve uitvoering van de belastingwetgeving zijn vastgesteld. Hoe staat u tegen het instellen van een Nederlandse IGT?

Daar ben ik nog niet uit. Ik ben beducht om nieuwe clubs op te richten als er al instanties bestaan die deze taken uitoefenen. Zo hebben we de door de Tweede Kamer ingestelde en benoemde Nationale ombudsman voor klachten van burgers. Ook doet de Algemene Rekenkamer al vaak onderzoeken op belastinggebied. Dus er zijn al twee onafhankelijke instanties die een aantal taken uitoefenen. Verder kijkt een onafhankelijke commissie van wetenschappers naar de rulings. De Tweede Kamer kan zelf ook zorgen voor onafhankelijk onderzoek. Dat gebeurt nu bij grote ICT-projecten.

Een belangrijke vraag is hoe het stelsel simpeler kan worden zowel voor de burger als de Belastingdienst. Neem het toeslagensysteem. Aan de ene kant zorgen toeslagen ervoor dat mensen financieel niet door het ijs zakken, anderzijds wordt er veel geld rondgepompt. Een simpeler systeem is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Toen de Commissie-Van Dijkhuizen een huishoudtoeslag introduceerde als samenbundeling van een aantal toeslagen, bleek dat door Europese regelgeving de kring van rechthebbenden werd uitgebreid. Dus eenvoudig is het niet. Door fine tuning in de belastingwetgeving is belastingregelgeving steeds ingewikkelder geworden, maar bereikt daardoor wel de mensen waarvoor het bedoeld is omdat ze niet op de hoogte zijn. Bovendien betalen mensen met lage inkomens nauwelijks belasting waardoor we wel eens geopperd hebben de heffingskortingen uitkeerbaar te maken. Tegelijkertijd moet het belastingstelsel progressief blijven. Dat wordt nu bewerkstelligd omdat in het regeerakkoord is afgesproken aftrekposten in de eerste schijf onder te brengen.

Door wie laat u zich inspireren als het om uw standpunt over fiscaliteit gaat?

De mensen die mij adviseren zijn heel divers. Dat zijn mensen binnen D66 en een fiscale werkgroep binnen D66 die onderwerpen uitdiepen en ook input leveren voor het Belastingplan. Het eerste onderwerp dat ik als fiscale woordvoerder behandelde was de Autobrief. Zowel de autolobby als de milieuorganisaties kwamen op bezoek. Daarnaast komen fiscale wetenschappers langs. Natuurlijk word je geadviseerd door de fiscale advieswereld en de NOB, maar je moet ook goed kijken naar voorstellen van andere partijen als vakbonden of Tax Justice. Zo neem je kennis van alle verschillende opvattingen. De fiscale wetsvoorstellen worden vanuit het ministerie uitgebreid toegelicht en onderbouwd. Vanuit je politieke richting maak je ten slotte de afweging.

Zou u het toejuichen indien afspraken met de Belastingdienst waarbij zekerheid vooraf gegeven wordt over voorgenomen transacties (rulings van zowel ondernemingen als vermogende particulieren) in anonieme vorm worden gepubliceerd?

Ik zie niet zo goed in wat het zou toevoegen aan wat we nu hebben. De schaarse tijd van de Belastingdienst wil ik niet verder belasten. Er zijn modellen gepubliceerd. Op het ministerie is een toezichtsclub waarin op initiatief van Carola Schouten en mijzelf ook onafhankelijke wetenschappers zitten. Bovendien gaat de Algemene Rekenkamer op ons verzoek onderzoek doen naar de rulingpraktijk.

Wilt u zelf staatssecretaris van Financiën worden in een volgend kabinet?

Ik beschouw het Kamerlidmaatschap niet als opstapje naar het ambt van bewindspersoon. Het is een zware klus. Ik heb bewondering voor staatssecretaris Menno Snel die dat nu doet. Op dit moment vind ik de rol van volksvertegenwoordiger leuker, waarbij ik vanuit de Tweede Kamer het kabinet kan controleren en aanjagen.

Rubriek(en)
Overig
Auteur(s)
Arthie Schimmel
Zelfstandig fiscaal journalist
NLF-nummer
NLF Opinie 2018/32
Judoreg
NFB2186
Publicatiedatum
5 juli 2018

X