Direct naar content gaan

Gerelateerde content

  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Samenvatting

De minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking heeft bij besluit van 22 december 2016 de aanvraag van X (bv; belanghebbende) voor een uitvoervergunning van een product afgewezen. Het betreft een akoestische sensor voorzien van toebehoren om deze te beschermen (geluidskap) en op een voertuig te kunnen plaatsen. Op het product is geen software of firmware geïnstalleerd. De eindgebruiker van het product is een overheidsinstantie van een derde land.

Hof Amsterdam heeft de beslissing van de minister om het goed aan te merken als militair goed marginaal getoetst. Het Hof heeft onder meer geoordeeld dat ook als de software buiten beschouwing wordt gelaten, de hardware zodanig is doorontwikkeld dat deze kwalificeert als militair goed. De minister heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat de uitvoer van het product is onderworpen aan een vergunningplicht en heeft in redelijkheid tot de beslissing kunnen komen dat de gevraagde vergunning dient te worden geweigerd. Daarbij heeft het Hof het beroep op het gelijkheidsbeginsel verworpen omdat het naar zijn oordeel in de door X genoemde gevallen ging om andere goederen en afnemers.

X heeft cassatieberoep ingesteld.

Volgens de Hoge Raad heeft het Hof ten onrechte geoordeeld dat het slechts marginaal mag toetsen of de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat het complete systeem, dus hardware en software tezamen, dient te worden beoordeeld. Tot cassatie kan dit echter niet leiden omdat het oordeel van het Hof dat het product een militair goed is, zelfstandig wordt gedragen door zijn oordeel dat het product ook als militair goed is aan te merken indien de militaire software buiten beschouwing zou worden gelaten. Gelet hierop wordt het eerste middel verworpen.

Ook het tweede middel, dat is gericht tegen het oordeel van het Hof dat geen sprake is van gelijke gevallen, slaagt niet.

Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard.

Anders, Conclusie A-G Ettema (NLF 2022/1177).

Metadata

Rubriek(en)
Douane
Belastingtijdvak
2016
Instantie
HR
Datum instantie
3 maart 2023
Rolnummer
20/03639
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:329
Auteur(s)
mr. J.A.H. Hollebeek
Deloitte
NLF-nummer
NLF 2023/0553
Aflevering
16 maart 2023
Judoregnummer
JCDI:NFB5658

Naar de bovenkant van de pagina