Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(11)
  • Jurisprudentie(150)
  • Commentaar NLFiscaal(4)
  • Literatuur(30)
  • Recent(46)
  • Annotatie wetsgeschiedenis NLFiscaal(1)

X (belanghebbende) heeft bezwaar gemaakt tegen de box 3-heffing voor het jaar 2017 (€ 1.281 voor aftrek van buitenlandse bronbelasting). De Inspecteur heeft het bezwaar gesplitst. De stelselvraag heeft hij aangehouden. Het bezwaar betreffende de vraag of sprake is van een individuele en buitensporige last heeft hij ongegrond verklaard.

X is tegen die laatstbedoelde uitspraak in beroep gekomen bij Rechtbank Gelderland. Daarnaast is hij in beroep gekomen wegens het niet tijdig beslissen op zijn bezwaar betreffende de stelselvraag. Het beroep heeft mede betrekking op een dwangsombeschikking.

De Rechtbank heeft het beroep wegens het niet tijdig doen van uitspraak op het bezwaar betreffende de stelselvraag niet-ontvankelijk verklaard. Voor het overige heeft de Rechtbank het beroep ongegrond verklaard. X heeft hoger beroep ingesteld.

Hof Arnhem-Leeuwarden acht de beslissingen van de Rechtbank omtrent het beroep wegens het niet tijdig doen van uitspraak op het bezwaar betreffende de stelselvraag en de dwangsombeschikking juist.

De box 3-heffing leidt voor X volgens het Hof niet tot een individuele en buitensporige last. Het Hof ziet echter geen reden om het Box 3-arrest van 24 december 2021 (21/01243, ECLI:NL:HR:2021:1963, NLF 2022/0106, met noot van Dusarduijn), waarin de stelselvraag is beantwoord, in dit geval buiten beschouwing te laten. Vast staat dat in 2017 de box 3-heffing hoger is dan het werkelijke rendement dat X heeft behaald uit de tot zijn rendementsgrondslag behorende bezittingen. Onder verwijzing naar het Box 3-arrest brengt dit mee dat sprake is van een schending van artikel 1 EP in combinatie met artikel 14 EVRM. Daarin ziet het Hof aanleiding rechtsherstel te bieden door voor het jaar 2017 alleen het werkelijk behaalde rendement in de heffing te betrekken. Dit betekent dat het voordeel uit sparen en beleggen moet worden bepaald op € 646.

Rubriek(en)
Inkomstenbelasting
Belastingtijdvak
2017
Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
Datum instantie
26 april 2022
Rolnummer
19/01637; 19/01638
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2022:3217
NLF-nummer
NLF 2022/0965
Aflevering
19 mei 2022
bwbr0011353&artikel=5.2,bwbr0011353&artikel=5.2

X