Direct naar content gaan

Samenvatting

X (belanghebbende) maakt, als moedermaatschappij, onderdeel uit van een fiscale eenheid met diverse dochtermaatschappijen. De Inspecteur is bij de aanslag vpb 2013 afgeweken van de aangifte. Hij heeft diverse correcties aangebracht. De aanslag is berekend naar een belastbaar bedrag van € 99.998.529. X heeft beroep ingesteld.
Hof Den Bosch (13 april 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1198) heeft uitspraak gedaan over de aanslag vpb 2012 waarbij (onder meer) dezelfde geschilpunten aan de orde waren als in de onderhavige procedure. Het geschil is thans beperkt tot de samenhangende waardering van dollarposities en een verrekenprijsdiscussie (correctie in verband met Supply Agreement).
In de onderhavige procedure is de eventuele samenhang aan de orde van dezelfde vorderingen en schulden als in voornoemde procedure. Omdat de feiten en omstandigheden niet (wezenlijk) anders zijn, oordeelt Rechtbank Zeeland-West-Brabant in lijn met de beslissing van het Hof. De correctie in verband met samenhangend waarderen bedraagt € 9.516.413.
In lijn met de uitspraak van het Hof oordeelt de Rechtbank verder dat de correctie in verband met de Supply Agreement, van € 15.457.904, terecht is aangebracht. X heeft diverse nadere verduidelijkingen gegeven ten opzichte van de door het Hof gehanteerde uitgangspunten, maar deze verduidelijkingen bevatten geen wezenlijk nieuwe dan wel aanvullende argumenten die moeten leiden tot een ander oordeel.
Het beroep is gegrond. De aanslag wordt verminderd tot een aanslag berekend naar een belastbaar bedrag van € 54.208.479.

Metadata

Rubriek(en)
Vennootschapsbelasting
Belastingtijdvak
2013
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum instantie
25 juli 2022
Rolnummer
18/8616
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2022:4115
bwbr0002672&artikel=8&lid=1

Naar de bovenkant van de pagina