Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

De minister van BZK heeft geoordeeld dat X (bv; belanghebbende) voor het vierde kwartaal geen recht heeft op een tegemoetkoming vaste lasten (TVL) omdat niet is voldaan aan de voorwaarde dat er sprake moet zijn van ten minste 30% omzetverlies.

X betoogt bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (hierna: CBb) dat haar werkelijke omzet in het vierde kwartaal van 2020 lager was dan uit de aangifte omzetbelasting blijkt. In oktober 2020 heeft zij € 23.510 gefactureerd voor opdrachten uit september 2020. Deze omzet is daardoor in de aangifte over oktober terechtgekomen, terwijl het bedrijfsactiviteiten uit september betreft. X stelt dat de minister ten onrechte alleen naar de aangifte kijkt om vast te stellen wat de omzet in het vierde kwartaal van 2020 was en ook rekening had moeten houden met de door haar overgelegde stukken.

Het CBb volgt het betoog van X niet en is van oordeel dat de minister uit mocht gaan van de omzet zoals die blijkt uit de aangiften omzetbelasting. Het CBb wijst daarbij op het volgende.

De regelgever heeft er, in verband met de uitvoerbaarheid en de beperking van de administratieve lasten, voor gekozen de aangifte omzetbelasting te gebruiken voor het bepalen van de omzet. Het CBb heeft in de uitspraak van 11 januari 2022 (21/605, ECLI:NL:CBB:2022:5) al geoordeeld dat dit geen onredelijk uitgangspunt is. Er staat wel een uitzondering op dit uitgangspunt in artikel 2.1.2, lid 6, TVL, maar die is hier niet van toepassing. Dit betekent dat de minister terecht is uitgegaan van de gegevens van de Belastingdienst. Hoewel het CBb begrip heeft voor het standpunt van X, past dit niet binnen de voor de TVL gekozen systematiek. De minister heeft dus terecht geconcludeerd dat niet is voldaan aan de voorwaarde dat sprake moet zijn van 30% omzetverlies en kon de TVL daarom op € 0 vaststellen.

Het beroep van X wordt ongegrond verklaard.

Rubriek(en)
Overig
Belastingtijdvak
oktober - december 2022
Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Datum instantie
14 juni 2022
Rolnummer
21/1292
ECLI
ECLI:NL:CBB:2022:306
NLF-nummer
NLF 2022/1233
Aflevering
23 juni 2022

X