Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis(3)
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(19)
  • Jurisprudentie(422)
  • Commentaar NLFiscaal(9)
  • Literatuur(31)
  • Recent(12)
  • Soft Law(10)

De Inspecteur heeft aan X (bv; belanghebbende) over het tijdvak 1 januari 2013 tot en met 31 december 2014 een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd, alsmede een vergrijpboete.

Rechtbank Den Haag oordeelt dat X, die aftrek claimt en op wie daarom de bewijslast rust, onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij daadwerkelijk een winkelinventaris heeft overgenomen voor een bedrag van € 90.750. De aftrek omzetbelasting van € 15.750 ter zake van de inkoop van een winkelinventaris is daarom terecht gecorrigeerd. De vergrijpboete komt echter te vervallen. Het enkele feit dat X niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een winkelinventaris heeft overgenomen voor een bedrag van € 90.750, is onvoldoende om bewezen te achten dat er sprake is van een gefingeerde inkoop. Aldus is de Inspecteur niet geslaagd in de op hem rustende bewijslast dat er sprake is van (voorwaardelijk) opzet of grove schuld.

Rubriek(en)
Omzetbelasting
Belastingtijdvak
2013 en 2014
Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum instantie
10 mei 2022
Rolnummer
20/6189
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2022:5661
NLF-nummer
NLF 2022/1213
Aflevering
23 juni 2022
bwbr0002320&artikel=67f,bwbr0002320&artikel=67f,bwbr0002629&artikel=2,bwbr0002629&artikel=2,bwbr0002629&artikel=15,bwbr0002629&artikel=15

X