Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis(2)
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(8)
  • Jurisprudentie(49)
  • Commentaar NLFiscaal(17)
  • Literatuur(13)
  • Recent(14)
  • Annotatie wetsgeschiedenis NLFiscaal(2)

Rechtbank Zeeland-West-Brabant doet in dit geschrift uitspraak in de zaken van 13 buitenlandse fondsen die met een beroep op het Unierecht hebben verzocht om teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting. De belanghebbenden worden bijgestaan door dezelfde gemachtigde.

Volgens de Rechtbank geldt voor elk van de 13 zaken dat tussen partijen niet langer in geschil is dat, gelet op jurisprudentie van de Hoge Raad (HR 24 januari 2020, 19/03341, ECLI:NL:HR:2020:115, NLF 2020/0315, met noot van De Haan en HR 18 december 2020, 19/03341, ECLI:NL:HR:2020:2097, NLF 2021/0319, met noot van De Haan) de desbetreffende belanghebbende zelf (het Spezial-Sondervermögen) transparant is voor de vpb. Daarvan uitgaande geldt voor elk van de zaken dat de desbetreffende belanghebbende zelf niet kan worden aangemerkt als opbrengstgerechtigde in de zin van artikel 1 Wet DB 1965. De Rechtbank verwijst daarvoor naar de uitspraak van Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 24 augustus 2020, 16/1661 e.a., ECLI:NL:RBZWB:2020:3954, NLF 2020/2304. Dit betekent dat de desbetreffende belanghebbende geen aanspraak kan maken op teruggaaf van dividendbelasting.

De Rechtbank leidt verder uit de stukken af dat voor elk van de zaken geldt dat niet in geschil is dat het verzoek om teruggaaf niet mede is gedaan door de deelnemer in de desbetreffende belanghebbende, althans dat niet vast is komen te staan dat dit wel het geval is.

Voor elk van de zaken betekent dit dat het verzoek om teruggaaf van dividendbelasting moet worden afgewezen (vgl. HR 24 januari 2020, 19/03341, ECLI:NL:HR:2020:115, NLF 2020/0315, met noot van De Haan, antwoord op prejudiciële vraag 3) en dat het desbetreffende beroep ongegrond is.

Rubriek(en)
Dividendbelasting
Belastingtijdvak
niet bekend
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum instantie
30 september 2021
Rolnummer
15/8176
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2021:4921
NLF-nummer
NLF 2022/0153
Aflevering
13 januari 2022
bwbr0002515&artikel=1,bwbr0002515&artikel=10

X