Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving(1)
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(2)
  • Jurisprudentie(548)
  • Commentaar NLFiscaal(2)
  • Literatuur(13)
  • Recent(42)
  • Annotatie wetsgeschiedenis NLFiscaal(1)

X (belanghebbende) exploiteert in vof-vorm een agrarische onderneming. Op 15 oktober 2009 heeft X samen met een vennoot grond aangekocht. De grond is ingebracht in de vof. Ten tijde van de aankoop bevonden zich bomen op de grond. X heeft de grond, na het rooien van de bomen in 2009 en 2010, geschikt gemaakt voor de teelt van landbouwgewassen. In 2012 is de grond, met uitzondering van één hectare bos, binnen de vof geherwaardeerd naar de op dat moment geldende waarde in het economische verkeer bij agrarische bestemming. In 2013 heeft de vof 59.54.60 hectare van de grond in eigendom overgedragen aan derden.

De hierbij behaalde boekwinst is, voor het deel dat is ontstaan door het omzetten van bosgrond naar landbouwgrond, belast. Rechtbank Noord-Nederland heeft de in verband hiermee aan X opgelegde navorderingsaanslag IB/PVV 2013 vernietigd.

De Inspecteur heeft hoger beroep ingesteld.

In geschil is of de Inspecteur bevoegd was om na te vorderen.

In casu zijn de herwaardering respectievelijk de gevolgen daarvan voor de boekwaarde van de grond door X in diens aangiften over 2012 en 2013 tot uitdrukking gebracht. In de aangifte IB/PVV 2013 en de jaarrekening over dat jaar zijn voorts de verkopen van de gronden opgenomen. Hof Arnhem-Leeuwarden ziet niet in dat de Inspecteur daarvan ten tijde van het opleggen van de (primitieve) aanslag geen kennis had kunnen nemen. De onzekerheid ten aanzien van een procedure inzake de aanslag IB/PVV 2012 bestond voorts ook ten tijde van het opleggen van de (primitieve) aanslag IB/PVV 2013. De Inspecteur had ook met die onzekerheid rekening kunnen houden. Gelet op het voorgaande beschikt de Inspecteur niet over een nieuw feit.

Er is volgens het Hof geen sprake van een fout in de zin van artikel 16, lid 2, aanhef en onderdeel c, AWR. Als al sprake is geweest van een fout, is sprake van een herbeoordelingsfout door bij de navordering de ten tijde van het opleggen van de (primitieve) aanslag reeds bekende feiten anders te wegen.

Het hoger beroep is ongegrond.

Rubriek(en)
Formeel belastingrecht
Inkomstenbelasting
Belastingtijdvak
2013
Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
Datum instantie
24 mei 2022
Rolnummer
20/01108
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2022:4248
NLF-nummer
NLF 2022/1124
Aflevering
9 juni 2022
bwbr0002320&artikel=16,bwbr0002320&artikel=16

X