Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Een geslaagd beroep op de principal purpose test, en dan? Er is nog veel onduidelijk over de uitwerking van de PPT. Kan de dubbele (bron)belasting die hierdoor ontstaat, als kosten worden afgetrokken op grond van artikel 10, lid 1, onderdeel e, Wet VpB 1969? De parlementaire geschiedenis bij de LOB-bepaling uit het Verdrag Nederland-VS is hoopgevend, maar het is voor de praktijk wenselijk als dit door het ministerie van Financiën kan worden bevestigd.

1. Inleiding

In dit artikel sta ik stil bij de gevolgen voor een belastingplichtige indien Nederland of het land waarmee Nederland een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting heeft gesloten met succes een beroep doet op de in het betreffende verdrag opgenomen principal purpose test (hierna: PPT). Ik zal hierbij niet alleen bespreken wat het werkingsmechanisme en het effect is als een bronland de PPT inroept, maar tevens de mogelijke uitwerking bespreken als Nederland, als woonland, eveneens de PPT inroept. In dat geval ontstaat namelijk de vraag of, en zo ja op welke wijze, Nederland als woonland voorkoming van dubbele belasting verleent. Een vraag die in dat kader opkomt, is welke rol artikel 10, lid 1, onderdeel e, Wet VpB 1969 zal spelen in verdragssituaties waarbij de PPT succesvol wordt ingeroepen. De PPT zet immers een streep door het te claimen verdragsvoordeel, terwijl artikel 10, lid 1, onderdeel e, Wet VpB 1969 een mogelijkheid biedt om in bepaalde gevallen de buitenlandse (bron)belasting van de Nederlandse winst af te trekken.

2. De PPT en haar toepassingsbereik

Rubriek(en)
Internationaal belastingrecht
Auteur(s)
Bart Lancee
Meijburg & Co
NLF-nummer
NLF-W 2021/0014
Judoreg
NFB4217
Publicatiedatum
30 maart 2021

X