Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis(1)
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten(3)
  • Jurisprudentie(49)
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur(4)
  • Recent(6)

Aan X (belanghebbende) worden reeds vele jaren ambtshalve aanslagen IB/PVV (en soms Zvw) opgelegd omdat zij geen gehoor geeft aan de uitnodiging tot het doen van aangifte. X tekent ieder jaar bezwaar, beroep, hoger beroep en cassatie aan tegen de ambtshalve vastgestelde aanslag. Uit het dossier volgt dat zij in vrijwel iedere fase van het geding (meerdere malen) om uitstel verzoekt, vaak op het laatste moment. Ook in de onderhavige procedure heeft zij daags voor de mondelinge behandeling bij Hof Den Haag om uitstel verzocht. De zitting heeft doorgang gevonden maar zou heropend worden als de gemachtigde binnen de daartoe gestelde termijn met een pcr-test (geen zelftest) bewijs van een gestelde coronabesmetting zou leveren. De gemachtigde heeft hieraan niet voldaan. Het Hof heeft daarom geen aanleiding gezien het onderzoek ter zitting te heropenen.

Het Hof acht geen sprake van schending van de hoorplicht. Er is voorts sprake van omkering en verzwaring van de bewijslast in verband met het niet doen van de vereiste aangifte.

De Inspecteur heeft X voor het jaar 2015 terecht een vergrijpboete opgelegd omdat zij (ook) voor dit jaar opzettelijk geen aangifte heeft gedaan. Dat in 2016 – per abuis – een verzuimboete is opgelegd en dat daarvoor jarenlang verzuimboetes zijn opgelegd, maakt het bewezen verklaarde – het opzet op de weigering aangifte te doen – niet anders.

De vergrijpboete van € 59.550 is absoluut en relatief aanzienlijk in vergelijking met de verzuimboetes die in het jaar ervoor en het jaar erna zijn opgelegd en is voorts met 150% van de IB/PVV op zichzelf zeer fors. Het is, voor zover het Hof bekend is, voorts de eerste vergrijpboete die aan X is opgelegd. Het Hof ziet in dit alles aanleiding de vergrijpboete voor het jaar 2015 te matigen tot € 25.000. De verzuimboete voor het jaar 2016 naar het wettelijk maximum van € 5.278 is passend en geboden.

Rubriek(en)
Formeel belastingrecht
Belastingtijdvak
2015-2016
Instantie
Hof Den Haag
Datum instantie
4 mei 2022
Rolnummer
21/00622; 21/00623; 21/00681; 21/00682
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2022:793
NLF-nummer
NLF 2022/1118
Aflevering
9 juni 2022
bwbr0002320&artikel=67d,bwbr0002320&artikel=67d

X