Direct naar content gaan

Gerelateerde content

  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Politieke column

Ons belastingstelsel is een belastingoctopus. Jaren geleden deed ik in een uitgebreid pamflet eens uit de doeken hoe de fiscale tentakels van de octopus onze samenleving in de greep houden. Voor elk probleem, groot en klein, lijkt een belastingoplossing niet ver weg. Het leidt tot een ongelooflijk ingewikkeld belastingstelsel. Tegelijkertijd is ons belastingstelsel nu eenmaal een weerspiegeling van de maatschappij. Burgers die bij zowat elk probleem naar de overheid kijken, krijgen een hyperactieve overheid die ook de fiscale verbanddoos niet schuwt.

De kunst is om in dit krachtenveld een zo eenvoudig mogelijk belastingstelsel te realiseren. Dat is lastig. Oftewel: vereenvoudigen is geen eenvoudige opgave. Wie van achtereenvolgende belastingstaatssecretarissen de balans opmaakt, moet constateren dat de ambitie tot vereenvoudiging steeds werd ingehaald door de realiteit van moeilijk gedoe. Huidig belastingstaatssecretaris Van Rij kan zich positief onderscheiden. Ook hij heeft de ambitie tot vereenvoudiging uitgesproken en zet daartoe zelfs concrete stappen. Geen vage planmakerij, maar gewoon fiscale regelingen schrappen. Die aanpak smaakt naar meer.

De bewindsman opereert voorzichtig en blijft vooralsnog dicht bij het coalitieakkoord. Echt doorpakken, is er nog niet bij. Zo schuift hij een oordeel over de niet effectieve landbouwvrijstelling door naar een evaluatie, terwijl er al uitgebreide rapporten liggen. Nu is de timing om juist die regeling momenteel aan te pakken, gezien de penibele positie van de doelgroep, verre van ideaal, zo eerlijk moeten we zijn. Maar doorpakken is anders. En bij de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) zit Van Rij kennelijk nog in de houdgreep van een gulle partijsponsor die deze regeling zo veel mogelijk wil behouden (voor de fijnproever: lees bijvoorbeeld de precaire stukken aan de CDA-evaluatiecommissie). Mijn punt: wie echt wil vereenvoudigen, moet op enig moment de uiteenlopende belangen weten te weerstaan.

En dan nog. Zolang parlementariërs geen rugwind bieden, is een vereenvoudigingsmissie voor een kabinet volstrekt kansloos. Recent was er weer eens een tenenkrommend parlementair voorval. Zo hekelde Kamerlid Grinwis (ChristenUnie) de nadelen van de bestel- en bezorgeconomie. Elke keer als er een bezorger op pad gaat, heeft dat zijns inziens negatieve gevolgen voor het milieu en de verkeersveiligheid. Het zijn geen onterechte zorgen natuurlijk, maar wat is volgens Grinwis de oplossing voor deze problematiek? Jawel, het Kamerlid van de coalitie oppert een bestel- en bezorgbelasting. Volgens hem is het fair als consumenten en bedrijven via belastingheffing meebetalen aan de maatschappelijke kosten van bezorging en retourzendingen.

Tsja, het meest bizarre van dit pleidooi is dat hetzelfde Kamerlid, in hetzelfde debat, in ongeveer hetzelfde kwartier oproept om het belastingstelsel eenvoudiger te maken. Zo teken ik uit zijn mond op: ‘Het belastingstelsel is stuk.’ Het is lachwekkend, het is tegelijkertijd zorgwekkend. Het is bovenal een duidelijk signaal dat niet iedereen die vereenvoudiging predikt ook daadwerkelijk een vereenvoudiging wil. Vereenvoudiging van belastingen als een soort borrelpraat neerzetten, is precies waarom de belastingoctopus maar om zich heen blijft graaien. 

Belastingstaatssecretaris Van Rij viel bijkans van zijn zetel in het kabinetsvak in de plenaire zaal toen hij Grinwis hoorde bazelen. In zijn reactie hield hij het echter netjes. Hij sprak over een ‘sympathiek idee’ van het Kamerlid om ongewenste gevolgen van de bezorgeconomie tegen te gaan. De introductie van een nieuwe belasting wees hij daarentegen resoluut af. Van Rij wil ervoor waken dat we voor ieder maatschappelijk probleem meteen naar een nieuwe heffing en belasting toegaan, want dat systeem is naar zijn mening al zo ingewikkeld. 

Rake woorden natuurlijk, maar evengoed zo dubbel als wat. Een solidariteitsheffing, een koolstofcorrectie en een aangepaste minimum CO2-prijs industrie lopen thans warm om weldra deel uit te maken van ons belastingstelsel. Met twee monden blijven spreken over fiscale vereenvoudiging heeft zeker één uitkomst: de belastingoctopus houdt vrij spel.

Metadata

Rubriek(en)
Overig
Auteur(s)
Michiel Spanjers
Columnist
NLF-nummer
NLF-P 2022/36
Publicatiedatum
18 oktober 2022

Naar de bovenkant van de pagina