Direct naar content gaan

Gerelateerde content

  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Samenvatting

Deze zaak gaat over de invoer van zonnepanelen die bij invoer werden aangegeven als zijnde van oorsprong uit Taiwan. Dergelijke panelen zijn onderworpen aan antidumpingrechten en compenserende rechten als ze van Chinese oorsprong zijn. In deze procedure had het Europese Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) onderzoek gedaan naar die oorsprong en was daarbij tot de conclusie gekomen dat de panelen als van Chinese oorsprong moesten worden aangemerkt.

Op grond daarvan heeft de inspecteur bij X (bv, belanghebbende) antidumpingrechten en compenserende rechten nagevorderd.

Hof Amsterdam heeft geoordeeld dat de inspecteur is geslaagd in de bewijslast dat de goederen van Chinese oorsprong zijn. Het Hof heeft het standpunt van X verworpen dat OLAF niet bevoegd is om een onderzoek in te stellen in een derde land als daaraan geen overeenkomst voor samenwerking en wederzijdse bijstand ten grondslag ligt. Het Hof baseert dit op het feit dat OLAF afhankelijk is van de (vrijwillige) medewerking van de Taiwanese autoriteiten en bedrijven, die in dit geval (deels) deze medewerking hebben verleend, en dat het bepaalde in artikel 3, lid 1, Verordening 883/2013 en artikel 19 Verordening 515/97 aan deze gang van zaken niet in de weg staat.

Tegen dit oordeel heeft X met vijf middelen cassatieberoep ingesteld, maar de Hoge Raad oordeelt dat alle middelen ongegrond zijn. Het oordeel van het Hof is juist. Aan het OLAF-rapport mag betekenis worden toegekend.

Conform conclusie A-G Ettema, NLF 2023/1549, met noot van Van Slooten.

Metadata

Rubriek(en)
Douane
Belastingtijdvak
12 mei 2014 t/m 8 juli 2014
Instantie
Hoge Raad
Datum instantie
5 juli 2024
Rolnummer
21/04213
ECLI
ECLI:NL:HR:2024:905
NLF-nummer
NLF NLF

Naar de bovenkant van de pagina