Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Als Esteban Ocon, de Formule 1-coureur die afgelopen zondag Max Verstappen in de wielen reed, ook maar de helft van de zaken moest ondergaan die Patrick van Min hem vanaf de bank toewenste, dan hadden de ziekenhuizen in Sao Paolo het best druk gehad. Het zal namelijk best lastig zijn om zo’n helm en een complete voorvleugel chirurgisch te verwijderen uit een lichaam.


Nou weet de oplettende lezer inmiddels dat de auteur regelmatig zijn frustraties deelt op LinkedIn maar dit soort ‘off topic’-frustraties horen toch eerder thuis op een F1-forum of iets dergelijks. Je moet namelijk toch wel een klein beetje beroepsgedeformeerd zijn als je ook in hetgeen afgelopen weekend gebeurde weer een parallel weet te vinden in de ‘responsible tax’-discussie die ook de bovengemiddelde aandacht van de auteur heeft. Een Formule 1-race is namelijk niet alleen een excuus om geen vakliteratuur te hoeven lezen. Er zijn wel degelijk verbanden.

Verband 1: regels, interpretatie en gedrag

Laten we beginnen bij het begin. Blijkbaar is er geen regel die stelt dat een coureur die een ronde achterstand heeft de leider in de race niet in mag halen. Dus het regelboekje verbiedt de poging van Ocon, die raceleider Verstappen probeerde in te halen, niet. Feit is echter dat als Ocon geslaagd zou zijn in die manoeuvre, hij binnen een paar ronden blauwe vlaggen zou hebben gekregen om Max te laten passeren. Zijn snelheid werd namelijk slechts veroorzaakt door hagelnieuwe banden (tijdelijk) terwijl zijn verdere snelheid veel lager was dan die van Max Verstappen. Je moet je dan ook afvragen of het feit dat iets mag ook betekent dat het verstandig of verantwoord is. Zie daar de eerste parallel. Natuurlijk mag je als belastingplichtige alles doen wat wet- en regelgeving toestaat, maar dat betekent nog niet dat dat door iedereen geapprecieerd wordt en je niet op kritiek hoeft te rekenen.

‘We are not accusing you of being illegal, we are accusing you of being immoral.’

Maar goed, je besluit toch heel scherp de regels te interpreteren. Dat kan. Vervolgens merk je dat alles verkeerd gaat. Jij spint, de leider ook. Jij krijgt een straf, Max verliest een prachtige overwinning. Ergens in je hoofd moet je begrijpen dat het wellicht toch niet helemaal de goede keuze is geweest. Na afloop zie je Max Verstappen woedend op je afkomen. Wat doe je? Ik zal je zeggen wat Ocon had moeten doen. Hij had Max tegemoet moeten lopen (voor de zekerheid zijn helm ophoudend zou ik zeggen…) en moeten zeggen:

‘Sorry, sorry. Ik mocht het doen, maar ik had het niet moeten doen. Ik heb het voor ons allebei verkloot, sorry’.

Max was klaar geweest. Want wat moet hij doen? Je kunt kwalijk iemand aanpakken die schuld bekent. Zeker niet als je weet dat je zelf ook wel eens aan de andere kant staat (zeg ik als extreme maar niet blinde Verstappen fan). Maar nee, wat besluit Ocon in al zijn wijsheid. Die zegt geen sorry, houdt vol dat hij gelijk had en gaat er een beetje bij staan grijnzen. Als iemand die geweld sterk ontmoedigt, kan ik u zeggen dat Max’ reactie (voor wie het niet weet, hij duwde een paar keer) bij mij nog valt in de categorie zeer genuanceerd.

Ik moest denken aan een aflevering van Zembla waar bleek dat een Nederlandse multinational meer dan € 2 miljard had gestald op een rekening van haar filiaal in België om zo gebruik te kunnen maken van een zeer gunstige Belgische fiscale regeling. Bij onderzoek bleek het filiaal in België het huis te zijn van de belastingadviseur in de bossen bij Brasschaat (of iets dergelijks). De belastingman van de multinational mocht voor de camera komen en begon een onsamenhangend verhaal over appeltjes voor de dorst en het spreiden van eieren in mandjes als gevolg van de financiële crisis. Een verhaal dat zo getuigde van chronische minachting voor de intelligentie van de kijker (het was Zembla, niet Goede Tijden Slechte Tijden) dat dit slechts kon leiden tot een storm van verontwaardiging. Waarom niet een reactie als: ‘Ja, we hebben gebruik gemaakt van een fiscaal gunstig regime. Dat kan en dat mag en was zeer gebruikelijk. Echter, we snappen de maatschappelijke discussie en zullen daar rekening mee houden naar de toekomst.’

Verband 2: stewards en de Europese Commissie

En dan hebben we ook nog de stewards. Dat zijn de mensen die tijdens de race moeten beoordelen of alles in de haak is en of er straffen moeten worden uitgedeeld voor het gedrag van de rijders. Je kunt deze stewards in veel gevallen vergelijken met de Europese Commissie in de staatssteun-casussen. Vorige week sprak ik in Brussel op een bijeenkomst over staatssteun en kwam tot de conclusie dat de Europese Commissie zeer vaak op zoek is naar een uitkomst die niet wordt geboden door wet- en regelgeving maar waarvan het gevoel bestaat (althans bij de Commissie) dat het de juiste uitkomst zou moeten zijn. De Starbucks-casus waarin de Europese Commissie een soort van nieuw ‘arms length-principe’ introduceert en eigenlijk geen inhoudelijke argumenten heeft om Starbucks aan te pakken is daarvan een goed voorbeeld. Ook hier een parallel. Wie herinnert zich niet de actie van Max Verstappen bij Kimi Räikkönen waarbij hij met vier wielen van het asfalt ging. Iedereen deed dat op verschillende plekken maar omdat Max er een podiumplek mee won, ‘voelde’ het voor de stewards alsof ze er een straf voor moesten geven. Of de situatie waarbij Verstappen van de baan schoot en vóór iedereen weer terugkwam op de baan. Het ‘voelde’ alsof dat niet moest kunnen en daardoor ‘verzon’ men de term ‘leaving the track and returning in an unsafe way’. Net zoals de EC regelmatig noodgrepen verzint om aan te pakken wat binnen de wetgeving niet aan te pakken is. Soms kan ik daar mee leven (zoals bij het laatste voorbeeld), soms niet.

De moraal

Dus wat is de moraal van dit verhaal? Een paar lessen. Soms is het handig om sorry te zeggen en niet krampachtig aan je standpunt vast te houden, ook al vind je soms dat je gelijk hebt en de wetgeving aan jouw kant staat. En soms vinden mensen toch wel een stok om je mee te slaan, al ligt die stok diep begraven. Dus denk ook na buiten de wet. Want zoals de grote filosoof Dr. Phil ooit zei, de belangrijkste vraag is:

‘Do you wanna be right or do you wanna be happy?’
Rubriek(en)
Overig
Auteur(s)
Patrick van Min
Deloitte
NLF-nummer
NLF Opinie 2018/62
Judoreg
NFB2216
Publicatiedatum
22 november 2018

X