Gerelateerde content
  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Sinds 15 november 2021 is het debat over het Nederlandse fiscale vestigingsklimaat weer opgelaaid. De indruk zou kunnen ontstaan dat de discussies over het vestigingsklimaat van recente datum zijn of een typisch verschijnsel van het Nederlands fiscaal-culturele erfgoed vormen. Volgens Fred van Horzen verdient die indruk nuancering.

Sinds 15 november 2021 is het debat over het Nederlandse fiscale vestigingsklimaat weer opgelaaid. De indruk zou kunnen ontstaan dat de discussies over het vestigingsklimaat van recente datum zijn of een typisch verschijnsel van het Nederlands fiscaal-culturele erfgoed vormen. Die indruk verdient nuancering.

Kareltje slokt een ambtenaar op!

In 1865 verscheen in het tijdschrift ‘Epocha’ het feuilleton ‘De Krokodil’ van de hand van Dostojevski.1 In het verhaal is sprake van een Duitse immigrant die samen met zijn moeder in de Passage van Sint Petersburg tegen betaling een levende krokodil genaamd Kareltje, tentoonstelt. De verteller van het verhaal, Semjon Semjonytsj, beschrijft een bezoek dat hij aan de voorstelling bracht met zijn vriend en collega, de ambtenaar Ivan Matveïtsj en Helena Ivanovna, de echtgenote van Ivan.

Op een onbewaakt ogenblik wordt Ivan opgeslokt door de krokodil. Er ontstaat dan een chaotische situatie waarbij Helena krijst dat de krokodil moet worden opengesneden terwijl de Duitsers om een schadevergoeding schreeuwen voor het geval de krokodil het incident niet zou overleven. Op dat moment klinkt er een stem uit de krokodil. Ivan blijkt zich levend en wel in de ingewanden van de krokodil te bevinden, zonder enig lichamelijk letsel te hebben opgelopen. Ook voor de krokodil heeft het incident geen nadelige gevolgen gehad. Helena dringt erop aan haar man voorzichtig uit de krokodil te laten peuteren. Dat stuit echter op weerstand van de Duitsers. Voor een krokodil met een ingeslikte, levende ambtenaar kunnen zij namelijk naar hun mening een hogere entreeprijs vragen dan voor een krokodil zonder ambtelijke vulling. Ivan is het met die opvatting eens:

‘Zij hebben gelijk, het economische principe vóór alles ... zonder economische contraprestatie gaat het slecht aan in onze eeuw van commerciële crisissen gratis de buik van een krokodil te openen, en inmiddels doet zich daarbij de onvermijdelijke vraag voor: hoeveel zal de eigenaar voor zijn krokodil moeten hebben? Daarbij komt nog een andere kwestie: wie zal betalen?’2

Het economische principe

Helena zegt dat ze niets begrijpt van het, in haar woorden, nare economische principe. Semjon Semjonytsj probeert het haar uit te leggen en begint een verhaal over de heilzame resultaten van het aantrekken van buitenlands kapitaal in Rusland. Helena vindt het echter allemaal de grootst mogelijke onzin. Ze vindt het belangrijker om van Semjon te horen of zij er leuk uitziet. Semjon begeeft zich vervolgens naar het huis van een collega-ambtenaar om advies te vragen over de ontstane situatie. Ook deze ambtenaar onderstreept het belang van het economische principe. Rusland heeft een industrie nodig. Hij verwijst naar een recent artikel in The Times waarin is beschreven dat Rusland geen kapitaal bezit, geen middenstand heeft en geen dienstvaardig arbeidersproletariaat. De oplossing van dat probleem bestaat uit het aantrekken van buitenlands kapitaal. Ivan mag onder geen beding uit de krokodil worden verwijderd. Want door zich op te laten schrokken heeft hij mogelijk de waarde van de krokodil verdriedubbeld, wat nuttig is voor het benodigde aantrekken van buitenlands kapitaal. De geconsulteerde ambtenaar voorziet dat steeds meer buitenlanders met krokodillen naar Rusland zullen komen. En daar omheen zullen zich dan kapitalen groeperen als gevolg waarvan een bourgeoisie zal ontstaan.3 Semjon haast zich terug naar de Passage en bemerkt dat het Ivan Matveïtsj in de bol is geslagen. Ivan zegt bezig te zijn met het uitbroeden van een nieuwe theorie over de economische verhoudingen en dat iedereen naar hem zal luisteren. Hij verwacht dat zijn woorden voortaan zullen worden aangehoord, overdacht, doorgegeven en in druk zullen verschijnen. Men zal zeggen dat hij in het buitenland minister of zelfs heerser over een koninkrijk had kunnen zijn. De Duitser laat intussen weten afstand te willen doen van de krokodil tegen betaling van 50.000 roebel in contanten, een stenen huis alsmede de rang van Russisch kolonel. Met uitzondering van de kolonelsrang vindt Ivan Matveïtsj de gevraagde tegenprestatie geheel in lijn met het economische principe. ‘Het economische principe vóór alles!’4 Geagiteerd verlaat Semjon de Passage. Wanneer hij de volgende dag op kantoor komt, valt hem op dat zijn collega-ambtenaren gretig de kranten lezen. De zogenoemde vooruitstrevende pers besteedt uitgebreid aandacht aan het incident in de Passage, waarbij men er lustig op los fantaseert. Volgens de journalisten was een nieuwe tak van een nuttige industrie waar Rusland zozeer behoefte aan had, bezoedeld door een dronken Rus die zich aan de krokodil had vergrepen. De mishandelde krokodil zou onder ondraaglijke pijnen op zijn dood liggen te wachten. Rusland was volgens de berichten in de kranten besmeurd in de ogen van het verlichte Europa. Semjon zegt tegen een ondergeschikte verbaasd te zijn over het feit dat de pers de krokodil beklaagt, in plaats van medelijden te hebben met de opgeslokte ambtenaar. Zijn collega antwoordt: ‘We moeten toch Europa navolgen, meneer. Daar hebben ze ook zo’n erg medelijden met krokodillen.’5

Van Sint Petersburg 1865 naar Den Haag anno nu

Als gevolg van het opheffen van het tijdschrift ‘Epocha’ is het feuilleton ‘De Krokodil’ onvoltooid gebleven, hoewel Dostojevski wel van plan is geweest om het ooit af te schrijven.6 Volgens hem was ‘De Krokodil’ niet meer dan een verhaaltje dat als grap was bedoeld en geen ‘sociale’ allegorie.7 Dat standpunt verdient mijns inziens nuancering. Dostojevski leverde met enige regelmaat kritiek op, in zijn ogen Europese, verschijnselen als kapitalisme, socialisme en egoïsme en hekelde het door hem geconstateerde gebrek in Europa aan echte solidariteit en broederschap, eigenschappen die volgens hem in de kern aanwezig waren bij de arme orthodoxe Russische boerenbevolking.8 ‘De Krokodil’ kan mijns inziens worden gelezen als een poging om ongebreidelde vestigingsplaatspolitiek op de hak te nemen. In zekere zin is het verhaal niet alleen onvoltooid maar ook tijdloos. Het initiatiefvoorstel ‘Spoedwet conditionele eindafrekening dividendbelasting’ kan worden gezien als de opvolger van de zich in de buik van de krokodil bevindende Ivan Matveïtsj. Bart Snels en Tom van der Lee hebben het initiatiefvoorstel in de geopende bek van de krokodil geschoven. De voorstanders van het initiatiefvoorstel zullen vinden dat door middel van het initiatiefvoorstel een nieuwe theorie over de economische verhoudingen in de praktijk wordt gebracht. Het economische principe dat door de voorstanders van het voorstel wordt aangehangen, wijkt uiteraard wel af van dat van Ivan Matveïtsj en diens medestanders. Zij zullen zich eerder beschouwen als navolgers van Dostojevski, in verband met diens beroep op solidariteit. Ik vraag mij af of Jesse Klaver binnenkort een oproep zal doen om klimaatneutrale bastschoenen te gaan dragen als eerbetoon aan de tot lijfeigene gemaakte Russische boerenbevolking van weleer. Indien Tom van der Lee het verhaal van Dostojevski zou mogen updaten en van een passend einde voorzien, zouden buitenlandse portfolio-eigenaren van Kareltje en van vergelijkbare multinationale monsters geen vergoeding ontvangen, maar zouden zij moeten betalen. Het voldoen van de eindafrekening dividendbelasting zou dan de tegenprestatie zijn om de Nederlandse fiscus uit de ingewanden van het beest verwijderd te krijgen. Ik ben benieuwd of een gemoderniseerde versie van ‘De Krokodil’ in 2022 zal worden voorzien van een einde dat in overeenstemming is met de bedoeling van Tom van der Lee of dat het voorstel een stille dood zal sterven in de maag van de krokodil en zal worden verteerd waarna de restanten langs natuurlijke wijze het lichaam van de krokodil zullen verlaten en de krokodil en diens eigenaren nog lang en gelukkig zullen leven. Ik waag mij niet aan een voorspelling over de afloop. Ook nu nog geldt wat Semjon Semjonytsj opmerkte aan het begin van ‘De Krokodil’: wij mensen weten nooit wat ons te wachten staat.9

Rubriek(en)
Internationaal belastingrecht
Auteur(s)
Fred van Horzen
Meijburg & Co
NLF-nummer
NLF Opinie 2021/32
Judoreg
NFB4692
Publicatiedatum
8 december 2021

X