Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Hof Amsterdam heeft onlangs een sympathieke uitspraak gedaan over het in Nederland niet belasten van uitkeringen uit hoofde van een Duitse wet, het ‘Gesetz zur Zahlbarmachung von Renten aus Beschäftigungen in einem Ghetto’, zogenoemde getto-uitkeringen, die in Duitsland niet worden belast. Dergelijke uitkeringen kwalificeren voor de in Nederland wonende ontvangers als in box 1 belaste publiekrechtelijke periodieke uitkeringen als bedoeld in artikel 3.101, lid 1, Wet IB 2001. Als gevolg van één en ander leiden deze uitkeringen tot (hogere) inkomstenbelasting en verschuldigde premies volksverzekeringen en (een hogere) inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. Ook kunnen zij, omdat zij deel uitmaken van het toetsinkomen voor inkomensafhankelijke regelingen, zoals toeslagen, leiden tot lagere toeslagen of tegemoetkomingen. De geweldige Italiaanse keeper Gianluigi Buffon zei in april 2018 ten aanzien van een scheidsrechter dat deze een vuilnisbak had op de plek waar normale mensen een hart hebben. Het doet Fred van Horzen een groot genoegen te constateren dat er geen vuilnisbakken zijn in de Belastingkamer van het Amsterdamse Hof.

Het Duitse Bahlsen concern produceert de bij liefhebbers bekende ‘Choco Leibniz’ koekjes. Begin mei zorgde één van de ubo’s van het concern, de 25-jarige Verena Bahlsen, voor de nodige opschudding. Ze had in een interview met een Duitse krant opgemerkt dat er niets mis was met het feit dat het Bahlsen-concern in de Tweede Wereldoorlog gebruik had gemaakt van dwangarbeiders. De dwangarbeiders werden goed behandeld en genoten dezelfde rechten als ‘normale’ werknemers van het concern, aldus Verena. Een dag later moest Verena diep door het stof. Het concern liet toen ook nog weten ruim negentien jaar geleden vrijwillig een fors bedrag te hebben geschonken aan een stichting die door Duitse bedrijven in het leven was geroepen om voormalige dwangarbeiders die tijdens de oorlog door die bedrijven te werk waren gesteld, te compenseren.1 In zijn boek ‘De orde van de dag’ gaat de Franse schrijver Éric Vuillard2 meer in detail in op de rol die het bedrijfsleven speelde bij het aan de macht komen van de NSDAP in 1933. Zo beschrijft hij een bijeenkomst waarbij 24 vertegenwoordigers van toonaangevende bedrijven financiële bijdragen toezegden aan de verkiezingscampagne van de NSDAP:

‘(...) vierentwintig rekenmachines aan de poorten van de hel. Het lijkt een willekeurige vergadering van bedrijfsleiders. Het zijn dezelfde pakken, dezelfde donkere of gestreepte dassen, dezelfde zijden pochetten, dezelfde goudgerande brillen, dezelfde kale hoofden, dezelfde verstandige blikken als in onze tijd. In feite is de mode nauwelijks veranderd. Over niet al te lange tijd zullen sommigen in plaats van het Gouden Ererteken van de NSDAP trots de Orde van Verdienste van de Bondsrepubliek dragen zoals Fransen het Legioen van Eer. Regimes bewijzen hun eer op dezelfde manier.’

Vuillard beschrijft ook gedetailleerd per onderneming uit welk concentratiekamp dwangarbeiders werden afgenomen en wat hun lot was.

‘De oorlog was winstgevend. (…) Iedereen had zich op de goedkope arbeidskrachten geworpen.’

Interessant is nog om op te merken dat in de jaren 1937 tot 1939 op last van de ministers van Sociale Zaken Slingenberg en Romme bijna 30.000 werkloze Nederlandse arbeiders op straffe van inhouding van de werklozensteun gedwongen in Duitsland te werk werden gesteld.3

De gelijke behandeling van dwangarbeiders en ‘normale’ werknemers waar Verena Bahlsen aan refereerde was in 1944 ook beschreven door Dr. Oermann van het Reichsfinanzministerium in de Deutsche Steuerzeitung. Gelijke behandeling van tewerkgestelden was volgens hem de Duitse fiscale norm, tenzij het ging om Polen Russen, zigeuners of Joden.4 Ik refereerde aan dit artikel in mijn opinies over de Nederlandse fiscale behandeling van zogenoemde getto-uitkeringen.5 De toenmalige staatssecretaris van Financiën Eric ‘Bevinkje’ Wiebes en het ministerie van Financiën zaten aanvankelijk uitsluitend technisch en kil in de wedstrijd. Zij gaven een moderne invulling aan de woorden uit ‘Zo sprak Zarathoestra’:

‘Staat, zo heet het koudste monster ter wereld.’6

Het zou nog tot mei 2018 duren voordat staatssecretaris Snel met een oplossing kwam met betrekking tot de behandeling van de getto-uitkeringen.7 Deze oplossing was in mijn beleving technisch nogal gecompliceerd en ook vond ik het merkwaardig dat slechts een handreiking werd gedaan voor uitkeringen die met ingang van 2016 werden ontvangen, waardoor de vraag was hoe moest worden omgegaan met uitkeringen die in eerdere jaren werden ontvangen.

Dat laatste speelde in een zaak die heeft geleid tot een uitspraak van Hof Amsterdam van 7 mei van dit jaar.8 Het betrof in 2015 van de Duitse staat ontvangen nabetalingen, ontvangen ter compensatie van gemist pensioen in verband met tijdens de Tweede Wereldoorlog verrichte arbeid in het Amsterdamse getto. Door de temporele beperking in het besluit van 18 mei 2018 was deze tegemoetkoming niet van toepassing op de in 2015 ontvangen uitkering. In een fraaie en uitgebreid onderbouwde uitspraak komt het Hof tot het oordeel dat er geen objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat voor de afwijkende fiscale behandeling van de in 2015 ontvangen uitkeringen ten opzichte van de in 2016 en later ontvangen getto-uitkeringen. Het Hof gaat ook zelf over tot rechtsherstel. Op de in 2015 ontvangen uitkering wordt het besluit uit mei 2018 toegepast.

De geweldige Italiaanse keeper Gianluigi Buffon zei in april 2018 ten aanzien van een scheidsrechter dat deze een vuilnisbak had op de plek waar normale mensen een hart hebben. Het doet mij een groot genoegen te constateren dat er geen vuilnisbakken zijn in de Belastingkamer van het Amsterdamse Hof.

Rubriek(en)
Pensioen
Auteur(s)
Fred van Horzen
Meijburg & Co
NLF-nummer
NLF Opinie 2019/28
Judoreg
NFB2515
Publicatiedatum
6 juni 2019

X