Gerelateerde content
    • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

In deze procedure is in geschil de indeling in de Gecombineerde Nomenclatuur (GN) van een deurmat die voor 98% uit rubber bestaat en waarop op de bovenzijde polyestervezels zijn gelijmd. De aangever meent dat postonderverdeling 4016 91 00 (matten van niet-geharde gevulkaniseerde rubber, met een bijbehorend tarief van 2,5%) van toepassing is. De Inspecteur meent dat postonderverdeling 5705 00 30 van de GN (andere tapijten van synthetische of kunstmatige textielstoffen, met een bijbehorend tarief van 8%) van toepassing is.

Rechtbank Noord-Holland heeft X in het gelijk gesteld, maar Hof Amsterdam heeft het door de Inspecteur ingestelde hoger beroep gegrond verklaard. Tegen dit oordeel heeft X cassatieberoep ingesteld, maar de Hoge Raad verklaart dit ongegrond.

Het Hof heeft, in cassatie onbestreden, vastgesteld dat de bovenzijde van de deurmat uit textielmateriaal bestaat. Daarvan uitgaande heeft het Hof terecht geoordeeld dat de deurmat bij toepassing van aantekening 1 op hoofdstuk 57 van de GN voldoet aan de bewoordingen van post 5705 van de GN. Daaraan kan niet afdoen dat de deurmat, zoals het middel aanvoert, is bestemd voor gebruik buitenshuis.

Anders Conclusie A-G Ettema (NLF 2020/2447, met noot van Polak).

Rubriek(en)
Douane
Belastingtijdvak
2015
Instantie
HR
Datum instantie
24 december 2021
Rolnummer
19/03745
ECLI
ECLI:NL:HR:2021:1959
Auteur(s)
Raoul Ramautarsing
Deloitte

X