Direct naar content gaan
}

Gerelateerde content

Samenvatting

X (belanghebbende) woont in Nederland. Op 20 april 2015 is hij als piloot in dienst getreden van een luchtvaartmaatschappij, met als standplaats een vliegveld in het VK. In 2015 heeft hij 136 dagen voor die werkgever gewerkt, waarvan 81 dagen op internationale vluchten. Van de overige 55 dagen vloog hij 8 dagen binnen het VK, was hij 10 dagen stand-by op zijn standplaats in het VK en volgde hij 37 dagen training in het VK.

Hof Amsterdam heeft geoordeeld dat de hiervoor bedoelde 55 dagen moeten worden gerekend tot de door X uitgeoefende ‘dienstbetrekking als lid van de bemanning van een luchtvaartuig in internationaal verkeer’ in de zin van artikel 14, lid 3, Verdrag Nederland-VK. Gelet hierop bestaat geen recht op de door X voorgestane aftrek ter voorkoming van dubbele belasting.

Het Hof heeft in dit verband geoordeeld dat de uitzondering op de uitdrukking ‘internationaal verkeer’ in casu niet van toepassing is, zodat Nederland op de voet van artikel 14, lid 3, Verdrag Nederland-VK het heffingsrecht heeft over de gehele beloning.

Het standpunt van X dat de definitie van ‘internationaal verkeer’ in artikel 3, lid 1, aanhef en onderdeel h, Verdrag Nederland-VK niet van toepassing is op artikel 14, lid 3, Verdrag Nederland-VK, berust op een onjuiste rechtsopvatting.

Het standpunt van X dat de werkzaamheden aan de grond (die zijn verricht op 47 van de 55 dagen) niet als ‘internationaal verkeer’ kunnen worden aangemerkt, omdat geen sprake is van vervoer tussen twee of meer plaatsen en X voor die werkzaamheden ook niet op een lijst die is opgesteld voor een vlucht staat vermeld als bemanningslid, heeft het Hof eveneens verworpen.

X heeft tevergeefs cassatieberoep ingesteld tegen deze oordelen van het Hof.

De klachten falen op de gronden die door A-G Wattel zijn uiteengezet in resp. punt 7.4 tot en met 7.7 en punt 8.3 tot en met 8.6 van zijn conclusie van 29 november 2022 (22/00716, ECLI:NL:PHR:2022:1128).

De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond.

Metadata

Rubriek(en)
Internationaal belastingrecht
Belastingtijdvak
2015
Instantie
HR
Datum instantie
23 juni 2023
Rolnummer
22/00716
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:953
Auteur(s)
dr. mr. T.M. Vergouwen
De Brauw Blackstone Westbroek/ Universiteit Leiden
NLF-nummer
NLF 2023/1543
Aflevering
13 juli 2023
Judoregnummer
JCDI:NFB5872
bwbv0003074&artikel=14,bwbv0003074&artikel=14

Naar de bovenkant van de pagina