Direct naar content gaan

Gerelateerde content

  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Samenvatting

Quadrant Amroq Beverages SRL (Roemenië; hierna X) heeft van een producent in Ierland (Pepsi Ireland) aroma’s gekocht voor gebruik bij de bereiding van frisdranken in Roemenië. Zij was in de veronderstelling dat de ethylalcohol die was gebruikt om de aroma’s te produceren, in Ierland reeds tot verbruik was uitgeslagen en was vrijgesteld van accijns op grond van de Ierse wetgeving waarbij artikel 27, lid 1, onderdeel e, Richtlijn 92/83 is omgezet.

Niettemin moest X accijns op de aroma’s betalen toen deze Roemenië binnenkwamen. Zij verzocht om teruggaaf, maar de teruggaaf werd op materiële en formele gronden geweigerd. In de eerste plaats had X geen ethylalcohol gekocht om aroma’s te produceren, maar had zij aroma’s gekocht die ethylalcohol bevatten om niet-alcoholhoudende dranken te bereiden. In de tweede plaats waren de aroma’s niet uit een belastingentrepot gehaald en had X niet de hoedanigheid van geregistreerde geadresseerde.

De verwijzende rechter heeft vastgesteld dat ten minste twee lidstaten artikel 27, lid 1, onderdeel e, Richtlijn 92/83 verschillend uitleggen en heeft in dit verband prejudiciële vragen gesteld aan het HvJ.

Volgens A-G Collins moet het voornoemde artikel aldus worden uitgelegd dat de vrijstelling van accijns zowel betrekking heeft op ethylalcohol die bestemd is om te worden gebruikt, als op ethylalcohol die reeds is gebruikt bij de productie van aroma’s die bestemd zijn voor de bereiding van niet-alcoholhoudende dranken met een alcoholvolumegehalte van niet meer dan 1,2% vol.

Wanneer ethylalcohol in een lidstaat is uitgeslagen tot verbruik en die lidstaat de accijnsvrijstelling van die bepaling juist heeft toegepast, moet de lidstaat van bestemming de ethylalcohol op zijn grondgebied op dezelfde wijze behandelen, aldus de A-G.

Voorts moeten de lidstaten bij het opleggen van procedurele voorwaarden de algemene beginselen van het Unierecht eerbiedigen, waaronder het evenredigheidsbeginsel en het doeltreffendheidsbeginsel.

Metadata

Rubriek(en)
Accijnzen
Belastingtijdvak
niet bekend
Instantie
A-G HvJ
Datum instantie
14 juli 2022
Rolnummer
C‑332/21
ECLI
ECLI:EU:C:2022:589
Auteur(s)
Gooike van Slooten
Deloitte
NLF-nummer
NLF 2022/1449
Aflevering
28 juli 2022
Judoreg
NFB5164

Naar de bovenkant van de pagina