Direct naar content gaan

Samenvatting

X (belanghebbende) heeft auto’s ingevoerd en in dat verband BPM op aangiften voldaan. X heeft bij de aangiften met een door haar ontworpen herleidingsmethode de te betalen BPM bepaald. De Inspecteur heeft ter zake van de auto’s met één naheffingsaanslag BPM nageheven.

In deze procedure spelen diverse (formele) geschilpunten. Een van de geschilpunten is of de door X ontworpen herleidingsmethode toegepast kan worden. Dat is volgens Hof Den Bosch niet het geval. X heeft met zeven middelen cassatieberoep ingesteld.

Bij de onderhavige conclusie hoort een gemeenschappelijke bijlage (Conclusie A-G Ettema 22 december 2023, 22/00425 e.a., ECLI:NL:PHR:2023:1223), waarin A-G Ettema de herleidingsmethode bespreekt. Zij komt tot de slotsom dat het Hof de herleidingsmethode terecht heeft verworpen. De methode sluit niet aan bij de wettelijke systematiek voor het berekenen van de BPM-vermindering voor gebruikte voertuigen. De herrekende bruto BPM speelt daarnaast geen rol bij het berekenen van deze vermindering.

X komt wel terecht op tegen het oordeel van het Hof dat uitsluitend gebruik kan worden gemaakt van een koerslijst, indien auto’s van hetzelfde merk en type als de ingevoerde auto voorkomen op deze koerslijst. Deze voorwaarde voor het gebruik van koerslijsten kan niet worden afgeleid uit de wet of de jurisprudentie van de Hoge Raad, aldus A-G Ettema.

Volgens A-G Ettema heeft X geen recht op tijdsevenredige vermindering van het nageheven BPM-bedrag vanwege een latere BPM-teruggaaf. Het betoog over het hanteren van een lagere CO2-uitstoot treft evenmin doel, aangezien de theoretische mogelijkheid dat eerder soortgelijke voertuigen met een lagere CO2-uitstoot zijn geregistreerd, niet volstaat voor een geslaagd beroep op artikel 110 VWEU.

X betoogt verder nog dat het Hof de afschrijving niet in goede justitie had mogen vaststellen. Dit middel kan niet tot cassatie leiden. A-G Ettema constateert evenwel dat over de mogelijkheid tot waardebepaling in goede justitie onduidelijkheid bestaat in de literatuur en binnen de feitenrechtspraak. De A-G geeft de Hoge Raad daarom in overweging hierover alsnog een oordeel te geven.

Zie ook de idem-conclusies van dezelfde datum (NLF 2024/0485, NLF 2024/0486 en NLF 2024/0487).

Metadata

Rubriek(en)
Autobelastingen
Belastingtijdvak
2016
Instantie
A-G
Datum instantie
22 december 2023
Rolnummer
22/02805; 22/03099
ECLI
ECLI:NL:PHR:2023:1216
Auteur(s)
mr. H.A. Elbert
Elbert Fiscaal
NLF-nummer
NLF 2024/0452
Aflevering
20 februari 2024
Judoregnummer
JCDI:NFB6254
bwbr0005806&artikel=10&lid=1,bwbr0005806&artikel=10&lid=1,bwbv0001506&artikel=110,bwbv0001506&artikel=110

Naar de bovenkant van de pagina