Direct naar content gaan

Gerelateerde content

  • Wet en parlementaire geschiedenis
  • Internationale regelgeving
  • Lagere regelgeving
  • Besluiten
  • Jurisprudentie
  • Commentaar NLFiscaal
  • Literatuur
  • Recent

Samenvatting

X (bv) heeft bij overeenkomsten van 29 mei 2008 voor een totaalbedrag van $186 miljoen leningen verstrekt aan een drietal op Belize gevestigde vennootschappen. X heeft de vorderingen in de jaren 2009 tot en met 2011 ten laste van haar resultaat afgewaardeerd.

In geschil is of de Inspecteur de afwaardering terecht niet heeft geaccepteerd en de over de leningen verschuldigde rente terecht als belaste rentebaten in aanmerking heeft genomen. Niet in geschil is dat sprake is van leningen.

Rechtbank Den Haag en in hoger beroep Hof Den Haag verwerpen het standpunt van X dat de onderhavige aanslagen moeten worden vernietigd wegens een onjuiste bekendmaking. Het Hof oordeelt dat aan de strekking van de regels over bekendmaking van besluiten is voldaan en dat de aanslagen binnen de wettelijke termijn zijn vastgesteld. X maakt niet aannemelijk dat in de onderhavige jaren sprake was van onvolwaardige vorderingen. Het Hof ziet dit oordeel bevestigd in de omstandigheid dat de aandelen in X in 2012 voor $148 miljoen zijn verkocht, terwijl de onderhavige vorderingen de enige activa van X waren. De Inspecteur heeft terecht de afwaardering van de vorderingen gecorrigeerd en de op de vorderingen bijgeschreven rente in aanmerking genomen als belastbare bate.

Het hoger beroep is ongegrond.

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie tegen deze uitspraak verworpen onder verwijzing naar artikel 81 Wet RO (20/01221)

In de voorliggende zaak is sprake van een vennootschap met als enige bezit een drietal leningen van $186 miljoen. Er is een schriftelijke overeenkomst waarin zowel rente is afgesproken als een looptijd van een jaar. Deze looptijd wordt later (met terugwerkende kracht) verlengd tot vijf jaar. Uiteindelijk vinden zowel rente als terugbetaling niet plaats en gaat belanghebbende in 2019 failliet. In 2012 worden (bijna alle) aandelen in belanghebbende verkocht voor $148 miljoen.

In geschil is of de aanslagen op de juiste wijze zijn bekendgemaakt aan belanghebbende: dat is het geval zoals door Rechtbank en Hof vastgesteld, zie met name r.o. 5.1.2 en 5.1.3 van de uitspraak van het Hof. Ik ga hierop verder niet in.

Metadata

Rubriek(en)
Vennootschapsbelasting
Belastingtijdvak
2009-2012
Instantie
Hof Den Haag
Datum instantie
19 februari 2020
Rolnummer
18/00615 t/m 18/00618
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2020:388
Auteur(s)
Ronald Russo
Tilburg University/of counsel Deloitte
NLF-nummer
NLF 2020/0660
Aflevering
19 maart 2020
Judoreg
NFB3112

Naar de bovenkant van de pagina